Samenstelling

Het Raadgevend Comité voor de telecommunicatie vormt een forum waarin de gesprekspartners van de sector zitting hebben.
Artikel 3 van de wet van 17 januari 2003 voorziet dat het Comité minstens is samengesteld uit : vertegenwoordigers van gebruikers, van producenten van telecommunicatie-uitrustingen, van dienstverleners, van operatoren van vaste en mobiele openbare telecommunicatienetten, al dan niet met een sterke marktpositie, van de operatoren belast met de universele dienstverlening, vertegenwoordigers van de federale regering en van de representatieve organisaties van de werknemers en de werkgevers (met inbegrip van de kleine en middelgrote ondernemingen). Daarnaast hebben het Instituut en de Ombudsdienst voor telecommunicatie als waarnemer zitting in het Comité.
Door zijn samenstelling vormt het Comité een observatorium dat toegespitst is op de evolutie en de tendensen van deze primordiale sector van de telecommunicatie. De samenstelling van het Comité garandeert ook de representativiteit ervan.

Voorzitter van het Raadgevend Comité voor de telecommunicatie
-

Ondervoorzitter van het Raadgevend Comité voor de telecommunicatie
Dhr. Eric De Wasch


Secretariaat van het Raadgevend Comité voor de telecommunicatie
Dhr. Piet Steeland, Secretaris van het Comité
Dhr. Ben Vander Gucht, Vice-secretaris van het Comité

Leden van het Raadgevend Comité voor de telecommunicatie

1° drie leden die representatief zijn voor de ondernemingen waarvan één voor de kleine en middelgrote ondernemingen;

2° vijf leden die de meest representatieve werknemersorganisaties vertegenwoordigen;

3° twee leden die de meest representatieve organisaties van de zelfstandigen vertegenwoordigen, benoemd op voordracht van de Hoge Raad voor de Middenstand;

4° zes leden die representatief zijn voor de gebruikers, waarvan vier benoemd op voordracht van de Raad voor het Verbruik;

5° twee leden die representatief zijn voor de gebruikers van het frequentiespectrum, waarvan één aangewezen door de Minister van Landsverdediging;

6° twee leden die representatief zijn voor de gezinsbelangen;

7° twee leden aangewezen wegens hun wetenschappelijke deskundigheid inzake telecommunicatie;

8° drie leden die representatief zijn voor de producenten van telecommunicatieuitrustingen;

9° vier leden die representatief zijn voor de ondernemingen die telecommunicatiediensten verlenen, onder wie één dat aangewezen wordt door de belangrijkste operator op de markt van de spraaktelefoniediensten en op zijn minst één dat representatief is voor de overige operatoren van spraaktelefoniediensten;

10° een lid dat representatief is voor de universeledienstverleners;

11° drie leden die representatief zijn voor de operatoren van openbare telecommunicatienetten, onder wie één dat wordt aangewezen door de belangrijkste operator op de markt van de vaste openbare telecommunicatienetten en één dat wordt aangewezen door de operatoren die actief zijn op de markt van de mobiele openbare telecommunicatienetten;

12° een lid aangewezen door de Minister bevoegd voor telecommunicatie;

13° een lid aangewezen door de Minister van Economische Zaken;

14° een lid aangewezen door de Minister bevoegd voor de modernisering van de openbare diensten;

15° een lid aangewezen door de Minister van Sociale Zaken;

16° twee leden aangewezen door de Vlaamse Regering;

17° een lid aangewezen door de Waalse Regering;

18° een lid aangewezen door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering;

19° een lid aangewezen door de Franse Gemeenschapsregering;

20° een lid aangewezen door de Duitstalige Gemeenschapsregering.

Daarnaast hebben het Instituut en de Ombudsdienst voor telecommunicatie als waarnemer zitting in het Comité.